1. Onder bestekswijzigingen worden verstaan wijzigingen in het bestek, het werk of de voorwaarden van uitvoering van het werk.
1a. In geval van door de opdrachtgever gewenste bestekswijzigingen kan de aannemer slechts dan een verhoging van de prijs vorderen, wanneer hij de opdrachtgever tijdig heeft gewezen op de noodzaak van een daaruit voortvloeiende prijsverhoging, tenzij de opdrachtgever die noodzaak uit zichzelf had moeten begrijpen.
Als de opdrachtgever had kunnen begrijpen dat er van een prijsverhoging sprake zou kunnen zijn dan hoeft de
aannemer dus niet te wijzen op een prijsverhoging.
Het is aan te bevelen om in het bestek of bij het startoverleg af te spreken wat met het woord ’tijdig’ wordt
bedoeld.
Het is aan te bevelen om in het bestek of bij het startoverleg af te spreken welke procedure gevolgd moet worden als er sprake is van afwijkingen en bestekswijzigingen, zoals:
– wanneer en hoe moet een aannemer reageren bij het constateren van afwijkingen;
– binnen hoeveel tijd moet de directie reageren op een melding van de aannemer;
– mag of moet een aannemer eerst wachten op een akkoord vanuit de opdrachtgever;
– of er sprake zal zijn van uitloop van de planning.
In dit artikel is de contractuele waarschuwingsplicht van de aannemer beschreven vanwege extra te maken
kosten als gevolg van bestekswijzigingen.
Dit artikel is formeel dus niet van toepassing in het geval van herziening van verrekenprijzen.
2. De directie is bevoegd voor of tijdens de uitvoering van het werk bestekswijzigingen aan te brengen. Indien en
voor zover deze bevoegdheid in het bestek aan de opdrachtgever is voorbehouden, is voor deze bestekswijzigingen een door de opdrachtgever aan de aannemer te verstrekken schriftelijke opdracht vereist.
Het hier genoemde voorbehoud aan de opdrachtgever wordt (bijna) nooit gemaakt waaruit afgeleid kan worden
dat in de praktijk altijd enkel de persoon die als directie is aangewezen degene is die bestekswijzigingen mag
opdragen!
§ 36 lid 2 gaat over het geven van de opdracht tot een bestekswijziging, dóór de directie.
§ 36 lid 4 gaat over het akkoord over de betaling van de bestekswijziging, dóór de opdrachtgever.
3. De aannemer zal aan opdrachten tot bestekswijzigingen gevolg geven, ook indien daardoor de omvang van het werk wordt vermeerderd of verminderd, mits dientengevolge de totalen van de bijbetalingen en inhoudingen elk niet meer bedragen dan 15% van de aannemingssom dan wel het saldo van die bijbetalingen en inhoudingen
niet meer bedraagt dan 10% van de aannemingssom.
Dit artikel voorziet in de verplichting van de aannemer om bestekswijzigingen tot een bepaalde omvang op te
volgen.
In het geval, enkel het meerwerk óf enkel het minderwerk bij elkaar opgeteld meer bedraagt dan 15% van de aannemingssom dan kan de aannemer weigeren de bestekswijziging uit te voeren.
Ook in het geval, wanneer het saldo meer- én minderwerk meer dan 10% afwijkt van de aannemingssom kan de
aannemer weigeren de bestekswijziging uit te voeren.
4. Bestekswijzigingen worden verrekend tegen bedragen of prijzen die vóór de uitvoering van die wijzigingen of,
indien hun aard dit belet, zo spoedig mogelijk tussen de opdrachtgever en de aannemer worden overeengekomen.
Indien de directie overweegt om een bestekswijziging aan te brengen en daartoe de aannemer verzoekt een
prijsaanbieding te doen, plegen de directie en de aannemer op verzoek van de aannemer tevoren overleg
omtrent de vraag of, en zo ja onder welke omstandigheden, de aannemer aanspraak zal kunnen maken op een
redelijke vergoeding van de aan het doen van de prijsaanbieding verbonden kosten.
De eerste zin van dit artikel geeft dus met nadruk aan dat als het mogelijk is om de kosten van een bestekswijziging vóór uitvoering te bepalen dat de betreffende werkzaamheden pas mogen worden uitgevoerd
als deze kosten met de opdrachtgever overeengekomen zijn.
De tweede alinea gaat over de kosten van het doen van de aanbieding.
Het verdient aanbeveling om naast de bevoegdheid om bestekswijzigingen op te dragen óók de financiële
bevoegdheid bij de directie te leggen. Tussen directie en opdrachtgever dienen dan wel duidelijke afspraken
gemaakt te worden over onderlinge terugkoppeling.
Indien met de aannemer de afspraak is gemaakt dat alle communicatie via de directie dient te lopen dan zal ook
de bevestiging op de kosten van de bestekswijziging van de directie komen.
5.Bestekswijzigingen zullen de aannemer schriftelijk worden opgedragen. De aannemer kan genoegen nemen met een overeenkomstige aantekening in het dagboek, het weekrapport of het verslag van de bouwvergadering,
welke dan als schriftelijke opdracht zal worden aangemerkt. Het gemis van een schriftelijke opdracht of van een
aantekening in het dagboek of weekrapport laat de aanspraken van de aannemer en van de opdrachtgever op
verrekening van meer− en minderwerk onverlet
Indien er geen schriftelijke opdracht is verstrekt maar enkel een mondelinge, zoals in de praktijk vaak het geval is,
dan is er toch recht op verrekening vooral als voor beide partijen duidelijk is wat er zich heeft afgespeeld.
Het verdient aanbeveling om bestekswijzigingen op de dag dat deze zijn besproken deze door de aannemer per
email te laten bevestigen.
6. Ten aanzien van bestekswijzigingen zal op verzoek van de directie of van de aannemer een afzonderlijke termijn worden overeengekomen, binnen welke het meerwerk zal worden voltooid, hetgeen dan in de schriftelijke opdracht wordt vermeld.
7. Bij meerjarige onderhoudsbestekken wordt bij de in het derde lid vermelde totalen van bijbetalingen en van
inhoudingen elk onderhoudsjaar op zichzelf beschouwd.
8. De opdrachtgever zal de reeds aangevoerde, de blijkens de vrachtbrief afgezonden en de uitsluitend ten
behoeve van het werk bestelde bouwstoffen, die tengevolge van bestekswijzigingen niet kunnen worden
gebruikt, voor zover deze bouwstoffen aan de gestelde eisen voldoen, overnemen of deswege een billijke
schadevergoeding verlenen.